Bij de première in de Hollandsche Schouwburg zaten christenen en critici, Israëlieten uit de buurt en joden uit de gangen rond het Waterlooplein. Ze zagen een blinde, achterdochtige woekeraar en weduwnaar op het toneel. Sachel, een joodse woekeraar. Hij bidt tot de Ene, dient ondertussen de mammon en waakt met een mengeling van sentiment en wreedheid over zijn have en goed. En dan herkennen ze hem. Van Shakespeare’s Shylock. Een bevriend koopman wil hem afvalwol verkopen en in één adem door een deal sluiten over het huwelijk van zijn dochter met de zoon van Sachel. Daar zit het hart van de vertelling. Rafaël, zijn zoon, wil niets weten van een arrangement, hij is al verliefd op een christelijk meisje. En opeens krijgt Ghetto een betekenis die wat er toen honderd jaar geleden in hartje Amsterdam afspeelde, verre overstijgt. We herkennen de thema’s en kennen de argumenten.
Ghetto is meer dan honderd keer in Amsterdam gespeeld voor volle zalen. Er is altijd gemor geweest over het vermeende antisemitisme van het stuk, maar die discussie kennen we van De Koopman van Venetië. In een wereld waarin etniciteit zo’n grote rol speelt, is Ghetto een belangrijk stuk dat erom smeekt om weer gespeeld te worden.
Een kort voorspel gaat eraan vooraf: de eenakter Ahasverus. Heijermans schreef het onder een pseudoniem en het werd juichend door de pers ontvangen.
Credits
Mark Rietman - Sachel Nasrdin Dchar - Rafaël, zijn zoon Marleen Stoltz - Esther, zijn zuster Dries Smits - Aaron Fockeline Ouwerkerk - Rebecca, zijn dochter Paul Hoes - Rebbe Haëzer Sjaan Duinhoven - Rose
Jaap Spijkers - regie Guus van Geffen - decor Bernadette Corstens - kostuums Stefan Dijkman - licht
Première 15 oktober 2009 in de Stadsschouwburg Amsterdam











